1.4 Er zijn meer soorten radioactieve straling

 

Ioniserende straling is een verzamelnaam voor een groot aantal verschillende soorten straling met als overeenkomstige eigenschap dat ze veel energie hebben. De eigenschappen en zelfs de opbouw van de straling is zeer divers. Zo zijn er stralingssoorten die uit snel bewegende elementaire deeltjes bestaan, en stralingssoorten die je weer meer kunt zien als een een elektromagnetische golf, zoals licht.

 

De meest bekende stralingssoorten uitgezonden door radioactieve bronnen zijn genoemd naar de eerste letters van het Griekse alfabet, alfastraling, bètastraling en gammastraling:

 

  • Alfastraling bestaat uit snel bewegende positief geladen deeltjes, die relatief zwaar zijn ten opzichte van de vervallende atoomkern. Ze bestaan uit twee protonen en twee neutronen en hebben daarmee een lading van 2+. In feite zijn het dus brokjes kernmateriaal die met veel energie de vervallende atoomkernen uitgestoten worden.
  • Bètastraling bestaat uit elektronen die in de atoomkern worden gevormd en worden uitgezonden. Ze zijn veel kleiner dan alfadeeltjes en hebben een negatieve lading (1-). Er bestaat ook positief geladen bètastraling, deze deeltjes worden wel positronen genoemd. Dit wordt gebruikt in de medische wereld bij een beeldvormende techniek die Positron Emissie Tomografie (PET) wordt genoemd.
  • Gammastraling is elektromagnetische straling net als licht en radiogolven, maar heeft een veel kortere golflengte. De frequentie en daarmee de energie is daardoor hoger dan die van zichtbaar en UV-licht: hoog genoeg om net als de alfa- en bètastraling ionisaties te veroorzaken. Gammastraling is erg doordringend. Het kan gebruikt worden voor bestralingen en om doorlichtingsopnamen mee te maken.  

 

Met röntgenstraling wordt (meestal) de straling bedoeld zoals die in een röntgentoestel wordt opgewekt. De eigenschappen van de straling komen sterk overeen met die van gammastraling.

 

Daarnaast bestaat er onder andere neutronenstraling, afkomstig uit bijvoorbeeld kernreactoren, elektronen- en protonenstraling, afkomstig uit deeltjesversnellers en muonenstraling, waar de straling die we vanuit de ruimte ontvangen voor een groot deel uit bestaat.
 
 

<vorige - volgende>